Agnietenhof (Noordzijde)

Rijkenhage 30 & 34, Zutphen


Restauraties

Aangekocht door het Wijnhuisfonds in 1978 en gerestaureerd in 1980.


Bijzonderheden

Twee panden in de noordwand van de Agnietenhof, aan weerszijden van de toegangspoort vanaf het Rijkenhage.
Op een kaart uit 1751 is het oostelijke pand, nummer 34 (rechts op de afbeelding) aangegeven als ‘stalling van den heer burgemeester Sloet’. Toen in 1980 de restauratie begon, was hier het pakhuis van een kolenboer. Bij afbraak van een aangebouwde paardenstal kwamen twee gotische spitsboogramen en een deur tevoorschijn. In 1989 kwamen nog twee andere raamnissen tevoorschijn. Een tweede interessante ontdekking was een fresco, voorstellende het hoofd van Christus met links een zwaard en rechts een doornentak en daaronder een niet meer te ontcijferen spreuk in gotische letters. Het fresco is overgebracht naar het Stedelijk Museum.
Het is niet duidelijk wat vroeger de functie van dit gebouw is geweest. Er is niets bekend van een kapelletje van vóór 1465, toen de grote kapel aan het Oude Wand werd gewijd. Het westelijke pand, nummer 30 (links op de afbeelding), is in de laatste 120 jaar uiterlijk veel minder veranderd, getuige het schilderij van Willem van der Worp uit 1878. 

Plaquettes
In de poort bevinden zich twee plaquettes. De eerste is van de toekenning van de Europa Nostra Award in 1978 aan het Wijnhuisfonds en de Gemeente Zutphen voor de restauratie van de Agnietenhof. Op de tweede plaquette van beeldhouwer Frank Letterie staat het volgende gedicht van Ida Gerhardt, opgedragen aan Jhr. Mr. M.W.C. de Jonge, van 1935 tot 1985 secretaris van het Wijnhuisfonds en stuwende kracht achter de restauratie van de Agnietenhof:

Ik ben de Agnietenhof, oase in deze stad;
Zon, licht en schaduw schrijft wat in mij ligt vervat.
Was stilte en wijding eens de schat van mijn convent,
Ook ik heb krijgsgeweld en roof en brand gekend.
Die mij herstelden in mijn vroegere eer en staat
Hebben het zó gewild dat wie hier binnengaat
De naam van één uit naam van allen vindt vermeld
Een stadige werker...die zichzelf niet heeft geteld.


Literatuur

[1] Jaarverslag 1980 Wijnhuisfonds
[2] Jaarboek 1996 Wijnhuisfonds, blz 10 e.v.